Consumentenbond: beter XP dan Vista

Door Niels Huijbregts, 15 October 2007

De Consumentenbond heeft uit onderzoek geconcludeerd dat er veel mis kan gaan met Windows Vista. De bond raadt consumenten daarom aan, in de winkel naar Windows XP te vragen, in plaats van Vista.

Dat is geen slimme actie van de Consumentenbond. Vista is op een aantal punten namelijk veel veiliger dan XP en de bond hield zelf in juli nog een pleidooi voor veiligheid op internet. Veel onveiligheden op internet (virussen, trojans, etc) hebben direct te maken met zwakke plekken in Windows XP, die in Vista zijn opgelost.

De Bond zegt dat Vista vooral voor onervaren gebruikers af te raden is. Veel problemen in Vista worden veroorzaakt door conflicten van drivers, die door onervaren computeraars moeilijk zijn op te lossen. De driverproblemen ontstaan doordat nog niet voor alle hardware (printers, scanners, cd-branders, etc.) aansturingssoftware bestaat die werkt op een Vista-computer. Maar juist die onervaren gebruikers zijn het meest gebaat bij de veiligheidsverbeteringen van Vista omdat de nieuwe versie van Windows op een aantal punten fundamenteel anders is dan zijn voorganger, waardoor minder veiligheidsrisico’s kunnen ontstaan. De bond zou daarom beter druk kunnen uitoefenen op drivermakers, om ervoor te zorgen dat alle hardware probleemloos samenwerkt met Vista, in plaats van oude software te promoten. Want door nu Vista af te raden, schaadt de Consumentenbond de veiligheid die in juli nog zo belangrijk werd genoemd.

Update 26 oktober 2007:
Beluister Tros Radio Online over dit onderwerp
(mp3, 2e onderwerp, vanaf 13:30 minuut).

Impact van RFID gaat verder dan privacy en veiligheid

Door Richard de Boer, 15 October 2007

RFID is onbekend en onbemind. Het wordt gebruikt in reisdocumenten, personeelspassen, huisdieren, kledingzaken, bibliotheken, zwembaden, pretparken en gevangenissen… en toch weten maar weinig Nederlanders wat RFID is. Niettemin is de verwachting dat de aanwezigheid van RFID de komende jaren enorm zal toenemen, wat gepaard gaat met een geleidelijke verandering van onze beleving van publieke ruimte en privédomein.

RFID (radio frequency identification) is een methode om met radiogolven de overdracht van data mogelijk te maken. Elk object, dier of mens waarop een RFID-chip (of ‘tag’) is bevestigd, kan met uitleesapparatuur geïdentificeerd worden. De gegevens op een chip, bestaande uit een uniek identificatienummer en vaak aanvullende informatie zoals product- of persoonsgegevens, worden vervolgens naar een achterliggende database verzonden.

RFID wordt gezien als de sleuteltechnologie in de ontwikkeling van onderling sterk gerelateerde en uitwisselbare toekomstvisies als het internet der dingen, ambient intelligence en ubiquitous (of pervasive) computing. Deze toekomstvisies hebben met elkaar gemeen dat we klaarblijkelijk aan de vooravond staan van een wereld waarin de computer als fysiek object uit het zicht verdwijnt en in plaats daarvan een allesomvattende digitale connectiviteit wordt verwezenlijkt in allerlei, zo niet in alle objecten en structuren. De omgeving wordt als het ware de interface, waarin RFID de lijm is die alles samenhoudt.

In Nederland wordt RFID al op grote schaal uitgerold, waarbij er een zeker gevoel van haast valt te bespeuren. Volgens sommigen heeft distributieland Nederland in de ontwikkeling van RFID de boot gemist doordat grote aanjagers als Wal-Mart op de markt ontbreken. Maar ook internationaal vertraagt de uitwaaiering van RFID, deels omdat er al jarenlang wordt gesteggeld rond de standaardisering en patentering van chips en frequentiespectra.

Net als de Europese Commissie beschouwt de Nederlandse overheid RFID als een enabling technology – een veelbelovende technologie die bij de juiste inzet innovatie mogelijk maakt. RFID moet volgens de overheid zoveel mogelijk de ruimte krijgen zich te ontwikkelen, zonder de veiligheid en privacy van consumenten te schaden. De impact van een grootschalige inbedding van RFID in de maatschappij gaat echter verder dan veiligheid en individuele privacy. Als het al niet duidelijk was, dan toont RFID ons alsnog dat er in digitale netwerken geen ‘vergeten’ bestaat, geen ‘geheugenverlies’. Dat scenario geeft ruimte aan zowel optimisme als angst. RFID vormt een soort microkosmos waarin een collectieve, ambivalente verhouding tot technologie wordt tentoongespreid.

RFID kan een grote rol spelen voor economische innovatie, voor duurzaamheid, voor de information overload, maar evengoed kan het een datahel opleveren, duizenden banen op de tocht zetten en de digitale kloof vergroten tussen burgers die meegaan met nieuwe technologische ontwikkelingen en burgers die dat niet kunnen of willen.

We moeten ons niet laten leiden door Big Brother-achtige scenario’s, maar het publieke debat in Nederland zou wel gevoed moeten worden met specifieke RFID-gerelateerde vraagstukken. En daar vallen ook dark scenarios onder. Ik schrijf dark scenarios, geen doemscenario’s (zoals ze wel vaak genoemd worden).

Het Rathenau Instituut adviseerde de Tweede Kamer onlangs om helderheid van de overheid te vragen over het gebruik van RFID-data (zoals de reisgegevens op de OV-chipkaart) als opsporingsmiddel voor politie, justitie en veiligheidsdiensten. Die kwestie illustreert een breder probleem – de kennisongelijkheid tussen eindgebruiker en systeemeigenaar. In hoeverre kan een burger zeggenschap hebben over de data die verzameld en verwerkt worden voor uiteenlopende doeleinden – van opsporing tot persoonsgebonden marketing? Die zeggenschap ligt vooral buiten bereik van de burger.

Ook in discussies over RFID en privacy wordt de keuzevrijheid vaak gereduceerd tot een keuze tussen de plicht van de productaanbieder en het recht van de consument om een RFID-chip te deactiveren na aankoop van een product. Zo’n “knopje aan/uit-debat” gaat volledig voorbij aan de mondigheid en technische assertiviteit die we in de afgelopen decennia hebben verworven. Digitale netwerken, zoals het internet, hebben velen van ons veranderd in een professionele amateur, die niet langer andermans technologie hackt, maar in staat is zelf netwerken, software en hardware te bouwen.

We moeten niet alleen maar uitgaan van consumenten die – om de reclameslogan van de OV-chipkaart te parafraseren – een leven willen dat steeds gemakkelijker wordt. Zo’n instrumentele visie heeft tegenwicht nodig. Laten we in Nederland wat keukenraampjes openzetten voor alternatieve visies die de aandacht vestigen op de sociale impact en de culturele betekenis van RFID en de achterliggende scenario’s.

Een bijdrage van Richard de Boer

Richard is publicist en programmamaker bij De Balie en organiseert met het Instituut voor Netwerkcultuur en Rob van Kranenburg het tweedaagse publieksprogramma Recalling RFID op 19 en 20 oktober in De Balie. Kijk op: www.debalie.nl/recallingrfid