Burgerrecht voor computers in Duitsland

Door Niels Huijbregts, 28 February 2008

De hoogste rechter in Duitsland heeft bepaald dat in Duitsland het grondrecht bestaat op eerbiediging van de vertrouwelijkheid en integriteit van informatiesystemen van burgers. De rechter vindt dat dat volgt uit het Duitse grondrecht op het telecommunicatiegeheim, het grondrecht op onaantastbaarheid van de woning door de staat en het grondrecht op zelfbeschikking over persoonlijke informatie.

In april vorig jaar schreef ik over de Duitse overheid die via trojans op computers van burgers spioneert. De rechter vond toen dat de politie deze methode van elektronische huiszoeking niet mocht gebruiken, maar dat het wel geoorloofd was voor geheime diensten.

Een groep juristen en journalisten was het met die uitspraak niet eens omdat het niet in een democratische rechtsstaat past dat geheime diensten zomaar stiekem op de computers van alle burgers kunnen kijken. Zij verzochten daarom het Constitutionele Hof zich over de zaak te buigen. Het Hof oordeelde dat de deze methode inderdaad niet in overeenstemming is met de Duitse grondwet, de privésfeer van de computers van burgers moet worden gerespecteerd door de overheid. Wel vond het Hof dat dat recht niet absoluut is: het inzetten van de methode van elektronische huiszoeking moet wel mogelijk zijn voor preventieve doeleinden en strafrechtelijke vervolging, maar alleen wanneer er duidelijke aanwijzingen zijn dat er sprake is van gevaar voor bijvoorbeeld mensenlevens of voor de staat.

De uitspraak is van groot belang voor de online privacy in Duitsland omdat nu duidelijk is dat het burgerrecht op privacy ook geldt voor de computers van burgers.