Afzenders van hatemail onmaskerd

Door Niels Huijbregts, 16 May 2009

In 2004 maakte kunstenares TINKEBELL. een handtas van haar kat en liet aan de wereld zien hoe ze dat gedaan had. Ze wilde daarmee mensen aan het denken zetten over hoe met dieren omgegaan wordt. Waarom is een tas van kalfsleer wel normaal, maar van kattenvel niet? Natuurlijk werd er fel gereageerd op het project: ze ontving 100.000 e-mails, waaronder veel doodsbedreigingen. Mensen van over de hele wereld hoopten dat ze gruwelijk aan haar eind zou komen, wilden een handtas van haar maken, of dreigden naar haar huis te komen om haar eigenhandig om te leggen.

Uit al die mails maakte ze met Coralie Vogelaar een selectie, Coralie zocht uit wie de afzenders van al die dreigementen waren. Dat onderzoek begon steeds met het afzenderadres van de betreffende e-mail, en leidde soms tot zeer gedetailleerde en persoonlijke informatie over de afzender: weblogs, vakantiefoto’s en zelfs adressen en telefoonnummers waren online te vinden. Meestal omdat die mensen ze zelf online gezet hadden.

Ongeveer duizend hatemails zijn, samen met de informatie die over de afzenders gevonden is, gebundeld in een boek dat morgen gepresenteerd wordt in Paradiso en De Balie in Amsterdam. Ze sprak er gisteren over bij Pauw en Witteman. TINKEBELL. vroeg een aantal mensen essays over het project te schrijven, die aan het boek zijn toegevoegd. Van mij is ook een essay opgenomen in het boek:

Meer politie op straat en toenemend cameratoezicht zou preventief werken en dus onrust, misdaad en geweld op straat helpen voorkomen. Die aanname is gebaseerd op de idee dat er een relatie bestaat tussen de manier waarop mensen zich gedragen en de mate waarin ze bekeken worden. Plato laat dat zien in zijn verhaal over Gyges, een eenvoudige herder die een ring vindt die hem onzichtbaar maakt. Onzichtbaar kan hij met alles wegkomen en binnen een mum van tijd vervalt de brave schaapsherder tot roof, moord en verkrachting. Zaken die hij zich nooit in z’n hoofd gehaald zou hebben zonder de ring. Een recenter voorbeeld is Paul Verhoeven’s film Hollow Man, een ander verhaal maar de zelfde moraal: Hoofdrolspeler Kevin Bacon verandert in een monster zonder scrupules wanneer hij een serum uitvindt dat hem onzichtbaar maakt.

Anonieme bedreigingen werken ook zo: het is aannemelijk dat verzenders van kogelbrieven zo’n brief niet zouden versturen op hun persoonlijke briefpapier. En waarschijnlijk zouden ze iemand niet daadwerkelijk dood wensen als diegene in levende lijve voor ze stond. Bovendien wordt dat soort brieven meestal niet na zorgvuldig beraad verstuurd, maar gebeurt het in een emotionele opwelling. Zo’n dreigbrief is geen kleinigheid, maar anoniem schrijven dat je iemand dood wilt, wil nog niet zeggen dat je diegene ook echt dood zou maken. Misschien is een anoniem geuit dreigement dus minder ernstig dan het in eerste instantie klinkt.

De dreig- en hatemails die TINKEBELL. ontving nadat ze haar kat in een modeaccessoire had veranderd, waren ook min of meer anoniem: niemand ondertekende met voor- en achternaam. Je kunt je daarom afvragen of de afzenders werkelijk in staat zouden zijn haar te villen en een tas te maken van TINKEBELL.’s huid. Waarschijnlijk geldt voor de meeste brievenschrijvers - zo niet alle - van niet. De e-mails zijn duidelijk in een emotionele opwelling geschreven en onzichtbaar gedragen mensen zich nou eenmaal anders en doen ze dingen die ze normaal misschien niet zouden doen.

Maar hier is meer aan de hand. Uit het onderzoek voor dit boek bleek dat veel schrijvers zich helemaal niet hulden in onzichtbaarheid: hun afzenderadres leidde via Google eenvoudig naar online profielen met namen, adressen en foto’s. Deze mensen doen bepaald niet hun best, onzichtbaar te blijven. Zo anoniem waren de bedreigingen dus niet. Betekent dat dat ze wel degelijk serieus moeten worden genomen? Dat de afzenders werkelijk tot villen zouden overgaan als ze de kans kregen? Ik denk het niet, maar het zet mijn theorie wel op losse schroeven. En dat maakt van dit boek een interessant experiment.

Toch keur ik het af, om een aantal redenen.
Ten eerste is het sturen van dreigmail bepaald laaghartig, maar TINKEBELL.’s naming and shaming is niet veel beter. Het project krijgt daardoor het niveau van een ordinair potje boksen onder de gordel. En dat is maar hoogst zelden een goede manier om problemen aan te pakken.

Ten tweede: Wat TINKEBELL. doet, mag helemaal niet. Het is in strijd met privacywetten en het auteursrecht: persoonlijke gegevens van mensen mag je niet zomaar openbaar maken en e-mails en foto’s mag je niet afdrukken zonder toestemming van de betrokkene. TINKEBELL. heeft de betrokkenen niet ingelicht en niet om toestemming gevraagd en het feit dat de betrokkenen zelf foto’s op Myspace hebben gezet verandert daar niets aan. Het feit dat dreigbrieven sturen verboden is, ook niet. Dingen die niet mogen, bestrijdt je niet met andere dingen die niet mogen.

Maar het laatste argument vind ik het belangrijkst: we weten niet zeker - en kunnen niet zeker weten - of de mensen die TINKEBELL. en Coralie Vogelaar gevonden hebben en in dit boek hebben gezet, wel echt de afzenders van de e-mails zijn. Het is behoorlijk eenvoudig om een e-mail te versturen met het afzenderadres van iemand anders dus je kunt niet zonder enige twijfel beweren dat de mensen die in dit boek ‘ontmaskerd’ worden als dreigbriefschrijvers, inderdaad dreigbriefschrijvers zijn. En dat is kwalijk, want het is dus goed mogelijk dat in dit boek mensen ten onrechte beschuldigd worden. En het is bovendien goed mogelijk, dat ze daar pas achter komen als het boek al door velen gelezen is en hun reputatie dus mogelijk is aangetast.

Het ontmaskeren van iemand, die naar later blijkt, niets misdaan heeft, is een probleem dat vaker voorkomt en dat grote gevolgen kan hebben. Op diverse websites die overvallers en pedofielen ontmaskeren, zijn wel eens gegevens van onschuldige mensen terechtgekomen. Mensen die daardoor ten onrechte bekend zijn geworden als misdadiger. Dat heeft zeer ingrijpende gevolgen: probeer maar eens aan je buren en je werkgever uit te leggen dat je werkelijk geen viezerik of terrorist bent.

Toen TINKEBELL. me vroeg mee te werken aan dit boek, heb ik ja gezegd ondanks het feit dat ik het afkeur. De reden daarvoor is dat ik me realiseer dat sommige dingen op internet anders werken dan in het echte leven. Althans mijn versie van het echte leven. Hoewel ik social networks fantastisch vind vanwege de nieuwe mogelijkheden die ze bieden om te communiceren en je sociale leven te verrijken, snap ik vaak niet wat mensen bezielt om de meest intieme details van hun leven online prijs te geven. Ik begrijp de charme van virtuele werelden maar ik zou er geen huis bouwen waar ik uren in zou zitten. En ik vind Twitter erg leuk maar ik moet er niet aan denken elke tien minuten een regeltje onzin de wereld in te sturen. Net zoals ik nooit een dreigbrief zou sturen naar een kunstenaar.

Kortom, de wereld van de mensen in dit boek is dus misschien wel een heel andere wereld dan de mijne en misschien kom ik dus op voor mensen die daar helemaal geen behoefte aan hebben. Wat weet ik er ook van.

Nu kent u dus mijn mening, ik ben benieuwd naar de uwe.

Een bijdrage van Niels Huijbregts

Niels werkt op de afdeling Public Affairs van XS4ALL als woordvoerder.